Stadsrekening 2015
PCPortal

Resultaat en afwijking

Het financieel beeld over 2015 wordt voor een klein deel beïnvloed door de normale uitvoering van de begroting. De grondexploitaties hebben de grootste invloed, waar we risico’s en toekomstige eigen bijdrages hebben omgezet naar verliesvoorzieningen. In bedragen geeft dit het volgende beeld:

 
Onderaan de streep hebben we in 2015 een tekort van € 29,4 miljoen. De hoofdoorzaak ligt bij de grondexploitaties. Door ontwikkelingen ná vaststelling van de Voortgangsrapportage grote projecten (VGP) 2016 hebben we risico’s bij Bergerden (onderzoek exit scenario) en de Waalsprong (aangepaste programmering Hof van Holland) vertaald in hogere verliesvoorzieningen. Ook hebben we toekomstige eigen bijdrages aan de Waalsprong geschrapt en nu vertaald in een hogere voorziening. Het tekort over 2015 verlaagt de saldireserve, maar de verhouding tussen risico's en de saldireserve verandert niet. Dit komt doordat de risico’s en geplande bijdrages in de toekomst ook vervallen. Daarbij hebben we het positieve VGP-resultaat van € 10,3 miljoen, door toekomstige ‘rentevoordelen’, al in de saldireserve gestort.

Afgezien van de grondexploitaties hebben we meer uitkeringen verstrekt dan verwacht, waarvoor in de nota Slotwijzigingen al was gewaarschuwd. Bij Zorg & Welzijn zien we (tijdelijke) overschotten op vooral de bestaande taken. Om zichtbare knelpunten, risico’s en de gewenste afschaling in de zorg in de toekomst te kunnen opvangen hebben we het overschot bij Zorg & Welzijn gereserveerd.
Tot slot zijn er nog nadelen binnen het programma Bestuur & Middelen waar het Gemeentefonds en de gemeentelijke belastingen worden verantwoord.

Bedragen x € 1 miljoen

Begroot resultaat (na slotwijziging)

 5,6 N

Programma

Voordelen

Bestaande taken zorg & welzijn

8,1

Zorg & Welzijn

Nieuwe taken zorg & welzijn

1,7

,,

Vangnetuitkering Participatie 

0,7

Inkomen & Armoedebestrijding

Vrijval voorziening ruiming explosieven

2,8

Grondbeleid

Gemeentefonds

2,2

Bestuur en Middelen

BTW meevaller voorgaande jaren

0,6

,,

16,1

Nadelen

Verdeelsystematiek gebundelde uitkeringen (BUIG)

3,8

Inkomen & Armoedebestrijding

Stijging uitkeringsgerechtigden

1,7

,,

Onderzoek exit scenario Bergerden

6,7

Grondbeleid

Toekomstige bijdrages Waalsprong omgezet in voorziening

6,5

,,

Aanpassen programmering Hof van Holland (Waalsprong)

14,9

,,

Tekort overhead

1,1

Bestuur en Middelen

Belastingen (B&M)

2,4

,,

Verwacht voordelig resultaat

1,8

,,

Ophogen voorziening wethouderspensioenen

0,9

,,

Overig

0,1

Divers

39,9

Rekeningresultaat 2015

 29,4 N

Hierna volgt een korte toelichting per programma. Voor meer informatie wordt verwezen naar de programmaverantwoording in het jaarverslag.

Bij Inkomen & armoedebestrijding hebben we € 5 miljoen meer toe moeten leggen vanuit eigen middelen dan verwacht. Een nieuwe landelijke verdeelsystematiek valt voor Nijmegen nadelig uit (€ 3,8 miljoen). Daarnaast stijgt het aantal uitkeringsgerechtigden in Nijmegen harder dan bij andere grote gemeenten. Samen levert dit een nadelig resultaat op van € 5,5 miljoen. Door de landelijke vangnetregeling wordt dit nog gedempt tot € 4,8 miljoen. Dit valt binnen de bandbreedte van de winstwaarschuwing die bij de nota Slotwijzigingen is afgegeven.

Zorg & Welzijn heeft € 9,8 miljoen minder uitgegeven dan verwacht. Dit is voordeliger dan de prognoses in de nota Slotwijzigingen (bandbreedte -3 tot +3,3 miljoen). De grootste meevallers zitten in de bestaande taken (€ 8,1 miljoen), hoewel we ook een meevaller hebben op de nieuwe taken (€ 1,7 miljoen). Deze meevallers komen voort uit de volgende taken:

  • Subsidies: we zijn terughoudend geweest bij het verlenen (€ 2,3 miljoen)
  • Verstrekkingen en PGB huishoudelijke hulp en hulpmiddelen (4,1 miljoen)
  • Nieuwe taken Jeugd en Wmo (1,7 miljoen)
  • Overige voorzieningen binnen het programma (1,7 miljoen)

Dit overschot kunnen we niet naar komende jaren doortrekken. Er zijn voor de komende jaren risico’s te verwachten gezien de geschetste financiële ontwikkeling bij de nieuwe Wmo en Jeugdhulp. Hoewel er nog geen sprake is van een stabiel financieel beeld kunnen we wel in de tijd gaan sturen en bijsturen dankzij de in de Stadsbegroting 2015 ingestelde bestemmingsreserves Wmo-Jeugd en Wmo beschermd wonen. Bij het instellen van beide reserves in de Stadsbegroting 2015 is deze splitsing gemaakt omdat de gemeente Nijmegen beschermd wonen uitvoert als centrumgemeente.

Om zichtbare knelpunten, risico’s en de gewenste afschaling in de zorg in de toekomst te kunnen opvangen storten we het programmaoverschot bij Zorg & Welzijn in de bestemmingsreserves Wmo-Jeugd (bijna € 8,4 miljoen) en Wmo beschermd wonen (€ 1,4 miljoen). Dit conform afspraken in het Coalitieakkoord. Deze buffers zorgen er ook voor dat we geen beroep hoeven te doen op de saldireserve als zich bij Zorg & Welzijn risico’s voordoen. De tijdelijke bijdrage vanuit de saldireserve aan Zorg & Welzijn is met het ophogen van de bestemmingsreserves ook overbodig geworden.

Onderstaand is aangegeven hoeveel middelen er beschikbaar in de saldireserve waren voor de risico's en knelpunten Zorg en Welzijn ten tijde van de stadsrekening 2014/ begroting 2016 versus de beschikbare middelen in de Zorg en Welzijn reserves.

Bedragen x € 1 miljoen

Stadsrekening 2014 / Stadsbegroting 2016

Stadsrekening 2015
(na resultaatbestemming)

Zorg & Welzijn

Bestemde reserve Wmo-Jeugd

1,4

9,7

Bestemde reserve Wmo beschermd wonen

0

1,4

Saldireserve

Tijdelijke bijdrages aan Zorg & Welzijn  2016  t/m 2018 totaal

6,0

0

“Terugbetalen” tijdelijke bijdrage 2019  t/m 2021 totaal

-6,0

0

Risicoprofiel aandeel Zorg & Welzijn

7,8

0

Grondbeleidheeft een nadeel van ongeveer € 25 miljoen. De oorzaken hiervan liggen bij Bergerden en de Waalsprong (Hof van Holland en geplande bijdragen).
Uit de Voortgangsrapportage Grote Projecten 2016 (VGP) bleek nog een positief resultaat van € 10,3 miljoen, als gevolg van een lagere verliesvoorziening voor de Waalsprong. Dit was vooral te danken aan toekomstige ‘rentevoordelen’ die we hebben behaald door leningen die de komende jaren aflopen alvast te vervangen. Doordat besluitvorming heeft plaatsgevonden via het vaststellen van het VGP is dit (positieve) resultaat direct in onze saldireserve gestort. Daardoor zien we het VGP-resultaat niet expliciet terug in het programma- en rekeningresultaat.
Door ontwikkelingen ná vaststelling van de Voortgangsrapportage grote projecten (VGP) 2016 hebben we risico’s bij Bergerden (onderzoek exit scenario) en de Waalsprong (aangepaste programmering Hof van Holland) vertaald in hogere verliesvoorzieningen.  
Bij Bergerden zijn we inmiddels zover dat we een exit scenario onderzoeken. Om die reden hebben we de risico’s die we voor Bergerden hadden opgenomen in ons risicoprofiel, alvast vertaald in een hogere verliesvoorziening nu (nadeel € 6,7 miljoen). Bij de Waalsprong hebben we een ambitiedocument aan de Raad voorgelegd waarin de programmering van het gebied Hof van Holland wordt aangepast. Als gevolg hiervan hebben we een risico omgezet in een hogere verliesvoorziening (nadeel € 15 miljoen). Dit hebben we voorzichtigheidshalve gedaan vooruitlopend op formele besluitvorming in de Raad.
Daarnaast hebben we van oudsher jaarlijkse bijdrages gepland aan de Waalsprong om dit project mogelijk te maken. Door een aanscherping van de verslaggevingsregels wordt dit nu gezien als dekking van een bekend verlies, waarvoor we de verliesvoorziening moeten ophogen (nadeel € 6,5 miljoen). De geplande bijdrages vanuit de saldireserve vervallen echter ook. Tegenover deze nadelen staat een vrijval van een voorziening voor het ruimen van explosieven omdat de regeling is vervallen (voordeel € 2,8 miljoen).
De hogere verliesvoorzieningen beïnvloeden het resultaat over 2015, maar niet het vermogen van onze saldireserve om risico’s op te vangen. Immers, de risico’s en de geplande bijdrages vervallen ook. Daarbij hebben we het positieve VGP-resultaat al in de saldireserve gestort. Dit wordt in het onderdeel vermogen & risico’s in beeld gebracht.

Bij Bestuur & Middelen is per saldo € 3,5 miljoen minder binnengekomen. Dit komt voornamelijk door de volgende voor- en nadelen:

  • Positieve bijstelling Gemeentefonds in decembercirculaire (voordeel € 2,2 miljoen)
  • BTW meevaller voorgaande jaren (voordeel € 0,6 miljoen)
  • Negatief kostenplaatsresultaat (nadeel € 1,1  miljoen)
  • Hogere voorziening voor wethouderspensioenen als gevolg van de lage rentestand (nadeel € 0,9 miljoen)
  • Enkele compromissen bij OZB niet-woningen conform Raadsbrief 15.0012267 (nadeel € 2,4 miljoen)
  • Stelpost voordelig rekeningresultaat in begroting (nadeel € 1,8 miljoen)

De laatstgenoemde negatieve stelpost is op grond van ervaring in de begroting opgenomen. Bij Bestuur & Middelen zorgt dit in vergelijking tot de begroting standaard voor een nadeel, terwijl de ‘voordelen’ vallen bij andere programma’s.