Stadsrekening 2015
PCPortal

Economie en Werk

Geleerde lessen

Meer focus op tijdelijke loonkostensubsidie
Het doel dat wij ons hadden gesteld ten aanzien van de inzet van tijdelijke loonkostensubsidie is in 2015 niet gehaald. Het Werkbedrijf heeft in 2015 minder mensen op deze basis kunnen laten uitstromen dan we als doel hadden gesteld. Het blijkt in de praktijk moeilijk om in individuele gevallen loonkostensubsidie in te zetten. Het Werkbedrijf heeft onder meer gemerkt dat werkgevers vaak om bedrijfsmatige redenen het risico nog niet wilden lopen om een kandidaat in dienst te nemen. In die gevallen is regelmatig eerst een leerwerkplek ingezet. Daarnaast is gebleken dat een groot aantal kandidaten ook zonder inzet van subsidie regulier aan de slag kon. In 2016 wordt stevig ingezet om wél de begrote aantallen inzet van tijdelijke loonkostensubsidie te halen. Concrete maatregelen zijn het opzetten van groepsdetacheringsconstructies en meer focus binnen de bedrijfsdienstverlening op loonkostensubsidie. De eerste resultaten in 2016 zijn bemoedigend, het Werkbedrijf heeft begin 2016 al tientallen trajecten met tijdelijke loonkostensubsidie kunnen inzetten.

Pilot flexwerk beter aansluiten op behoefte van marktpartijen
De pilot Flexwerken heeft in 2015 nog niet tot concreet resultaat geleid. We hebben het Werkbedrijf in 2015 opdracht gegeven om deze pilot op te zetten. Daarbij is gekozen voor een constructie waarin kandidaten een arbeidscontract voor een half jaar zouden krijgen bij een uitzendbureau of detacheringsbureau, het uitzendbureau de kandidaat zoveel mogelijk zou laten werken, en het financiële risico voor niet-gewerkte uren zou door het Werkbedrijf genomen worden. Deze constructie blijkt echter niet goed aan te sluiten op de behoefte van marktpartijen. Het Werkbedrijf heeft verschillende acties ondernomen om werkgevers en uitzendbureaus bij de pilot te betrekken (ontbijtsessie met werkgevers, gesprekken met uitzendbureaus, gesprekken met werkgevers, flyers enz.) Hieruit bleek echter dat werkgevers het Werkbedrijf nog niet zien als partner voor flexwerk, ze hebben vaak al afspraken met uitzendbureaus, waardoor ze naar tevredenheid in hun behoefte aan flexwerk worden voorzien. Ook is gebleken dat uitzendbureaus de voorgestelde constructie niet aantrekkelijk vonden; zij vonden de voorgestelde constructie te ingewikkeld en niet passen bij hun manier van werken. We leren hieruit dat we nog beter moeten aansluiten bij de vraag van de markt. Overigens heeft de uitvoering van deze pilot wel tot hele mooie nieuwe projecten geleid waarin kandidaten worden opgeleid en daarna met een halfjaarcontract aan de slag gaan. Op het gebied van flexwerk werkt het Werkbedrijf nu een nieuwe opzet uit, die beter aansluit bij de behoefte en werkwijze van marktpartijen. Hiermee verwachten we in 2016 wel met succes flexwerk in te zetten om mensen te laten uitstromen.